dinsdag 5 februari 2008

Uren met Julius Streicher

De antichrist telt vele gezichten, maar slechts één aars: Julius Streicher. Hij heeft de mensheid op afschuwwekkende wijze bevuild. Streicher is de meest beruchte antisemiet uit de hedendaagse geschiedenis. In Der Stürmer, de nazi-propagandakrant bij uitstek, heeft Streicher jarenlang het gewillige Duitse volk gevoed met haat tegen joden, communisten, homo's. Deze van rancune schuimbekkende Streicher, een protégé van de Führer, is in alle opzichten een toetssteen van het kwaad. Het is ons fiere West-Vlaamse slijk dat het gistingsproces van de macabere Julius Streicher heeft bespoedigd. Streicher vocht tijdens de Eerste Wereldoorlog aan de IJzer. Terwijl de kogels hem om de oren floten, droomde hij van een jodenvrije wereld. De oorlog leerde de ziekelijk gefrustreerde Streicher de ultieme methode om die droom te bereiken: ontmenselijking.

Streicher zat in de beklaagdenbank van de Neurenbergse processen en werd ter dood veroordeeld. Zijn terechtstelling verliep, naar verluidt, tumultueus. Hij was de enige hooggeplaatste nazi die het benauwd kreeg in het zicht van de dood. Streicher verzette zich tegen de ophanging en stak een laatste tirade af, tegen de joden uiteraard. Net voor de strop strak hing, brulde Streicher zijn ultieme "Heil Hitler". Dat klonk toen als 'fuck you'.

Na ruim een halve eeuw onderzoek zijn alle feiten over de Streichers van deze wereld uitvoerig besproken. Alleen de volstrekte irrationaliteit van hun daden tart nog steeds de verbeelding. De bloeddorstige chaos die Streicher beleed - zijn waanzin was meer geloof dan ideologie - blijft een van de grote obsessies van onze tijd. Getuige hiervan het vrijblijvende gebruik van het argumentum ad nazium. Dit sofisme is het ultieme wapen om politieke debatten te doen verzanden. Zodra de tegenstander in verband wordt gebracht met de nazi's, de holocaust of Hitler, verdwijnt de discussie in een zwart gat. Hoe populairder het argumentum ad nazium, hoe meer de wandaden van de nazi's worden gebanaliseerd en hoe minder we in staat blijken om een open debat te voeren. Het argumentum ad nazium als postume overwinning van Streichers sektarische vooroordelen.

Als herauten van de onvrijheid en de redeloosheid vormden Streicher en de zijnen een uitwas van de Verlichting. Ten koste van onnoemelijk veel leed is die kanker weggesneden. Niet zelden heeft men in de nasleep van de oorlog de dood van de Verlichting afgekondigd, om de Verlichting zelf een wedergeboorte te gunnen. Ook vandaag beleven we zo'n periode van exorcisme: de aankleding van de Europese welvaartsstaat staat ter discussie. Fundamentele vragen bij de vleet, over migratie, identiteit, solidariteit en burgerschap. Zijn we bijvoorbeeld bereid om onze opinies op de proef te stellen door ze te onderwerpen aan een open debat met rationele argumenten? Die opinies zijn steeds vaker waar omdat we erin geloven, niet omdat we op basis van voldoende kennis een oordeel hebben gevormd. Zowat alles wat met de Europese Unie te maken heeft, lijdt aan deze afwijking. Een goed voorbeeld is de beruchte Bolkestein-norm die de liberalisering van de dienstverlening regelt. Op technici na kunnen weinigen er een correcte evaluatie van geven, hoewel de norm ingrijpend is en dus velen aanbelangt. Over het protest tegen de norm wordt wel bericht, maar niet gedebatteerd, tenzij in de afgelegen cenakels van de Unie. Dit holt de representatieve democratie radicaal uit. Een ander gevolg is dat de werkelijke inzet van de discussie - de omwenteling van de welvaartsstaat in haar totaliteit - niet aan bod komt of wordt voorgesteld als een apocalyptisch dilemma: voor of tegen. Europa of de chaos. Dat is ook de strekking van het recente artikel in Le nouvel Observateur waarmee de Franse socialistische voorman Lionel Jospin zich uitspreekt voor de ontwerptekst van de Europese grondwet. Het dilemmadenken heeft Europa in de greep genomen.

Terwijl de Europese kaste op ijle hoogte nieuwe dogma's verzint, worstelen de lagere regionen met een legitimiteitscrisis. In Vlaanderen parasiteert het Vlaams Blok op die crisis. De partij hanteert de irrationaliteit als haar belangrijkste argument. Het is de enige politieke beweging waarvan het discours nog steeds niet fundamenteel is veranderd na het einde van de Koude Oorlog, intussen toch al ruim vijftien jaar geleden. De standvastigheid heeft nog diepere wortels, aangezien het Blok geen afstand kan of wil doen van de bronnen der redeloosheid waaraan ook Julius Streicher zich laafde. Tot Streichers regime dat onze beschaving op de rand van de afgrond heeft gebracht, behoorde ook iemand als Staf De Clercq. Op 22 augustus jongstleden kwamen drieduizend fanaten samen om een IJzerwake te houden, te Steenstrate, op het slagveld dat ook Streicher heeft getekend. Er werd hulde gebracht aan Staf De Clercq. In het publiek bevond zich onder meer Philip Dewinter.

Van alle Vlaamse politici is Staf De Clercq de rampzaligste geweest. Zijn collaboratie tijdens de Tweede Wereldoorlog staat symbool voor het failliet van een volledige politieke generatie. Om nostalgische redenen lopen sommige Vlamingen nog steeds met zijn portret rond, een vanuit antropologisch standpunt zeer interessante combinatie van regressie, zelfhaat en verblinding. Dezelfde vorm van tot geloof verheven opportunistische bewustzijnsvernauwing inspireert het Vlaams Blok tot tal van 'symbolische daden', zoals de recuperatie van 1 mei, Karel Martel of priester Daens. Zo lazen militanten van het Vlaams Blok op 11 juli voor uit De leeuw van Vlaanderen van Hendrik Conscience, tijdens een tragikomische 'protesthulde' op het Conscienceplein te Antwerpen. Ook daar nam Philip Dewinter, de heilige uit Brugge, glimlachend de honneurs waar. De regionale zender ATV bracht dit in beeld alsof het de normaalste zaak ter wereld betrof.

Het argumentum ad nazium hanterend, zou men verontwaardigd moeten uitroepen dat de militanten van het Vlaams Blok zich op één lijn plaatsen met nazistische collaborateurs, extremistisch janhagel en andere bewonderaars van 'den Duits'. Dat is uiteraard heel erg, maar dan vooral voor wie aan zulke pathologische waanbeelden lijdt en geilt op berkenkruisen. Erger is het dédain waarmee de partijleiding van het Vlaams Blok deze incidenten uitlokt. Ze hebben er een politieke strategie van gemaakt: door maatschappelijk abjecte symbolen te hanteren een haatreactie uitlokken die nieuwe argumenten aandraagt om de grote complottheorie te voeden. De frequentie en de intensiteit waarmee de partijleiding van het Vlaams Blok claimt dat een aanval op het Blok de 'vrijheid van meningsuiting' in het gedrang brengt, is even ridicuul als ondraaglijk. Wellicht levert die moedwillig verkeerde interpretatie van de 'vrijheid van meningsuiting' het beste bewijs dat Blok-mandatarissen het nihilisme hebben aanvaard als officiële partijlijn.

De piepschuimen talking heads van het Vlaams Blok geloven nergens meer in, behalve in een op trauma's gebaseerde politieke macht. Het Vlaams Blok gelooft niet in Vlaanderen, want anders zou de partij figuren mijden die de ondergang van Vlaanderen hebben gewild (zoals Staf De Clercq). Gerolf Annemans in De Tijd van 11 september: "We moeten onze toekomst vastleggen door zelf een streep onder het verleden te trekken." Werkelijk alles kan en mag bij die partij.

Dit stuk verscheen eerder in De Morgen van 6 oktober 2004.

Geen opmerkingen: