maandag 8 december 2008

De Volksunie - 5 en 50 jaar geleden


Furl this page

Digg!

Delicious
Bookmark this on Delicious
(Familieportret van Geert Lambert, Els Van Weert en Bert Anciaux, de voormalige top van de splinterpartij SPIRIT. Steeds op zoek naar een nieuw 'project'.)

'Gezien de verhevenheid van de belangen die bedreigd worden verklaren wij dat stemmen voor de Volksunie in de huidige omstandigheden zwaar zondig is'

Herderlijke brief van bisschop De Smedt (22 mei 1958)

Na ons, de zondvloed - pardon de Volksunie. Er is over wijlen de partij zo veel gezegd dat woorden tekortschieten. Waarom moest die toffe bretellenclub kapot? Waarom toch, Bert? Moeten wij niet lief zijn voor elkaar? Wenen noch vendelzwaaien helpen om het verlies te verwerken en zelfs een voorstelling van poppentheater Bracke brengt geen soelaas. Uit pure wanhoop zoekt een mens dan antwoorden in, onder meer, De gewapende vrede. Politiek in België na 1945, de evergreen van Luc Huyse, een intellectuele potverteerder en dus zeker geen socialist. Huyse maakt op synthetische wijze duidelijk wat voor een ingewikkeld en broos bouwsel België is: "In onze politiek kost koken (marchanderen en arrangeren, koppelen en compenseren) zeer veel geld. Een consensusdemocratie gedijt niet in een zero-sum society." Van grote overschotten is vandaag geen sprake, zodat er evenmin aan de consensus een vette rand zal zitten. Eind jaren vijftig ontstond er een vergelijkbare situatie. De economie deed het niet schitterend en de politiek rolde vechtend over de kasseien, met de ziel van het kind als inzet. Het schoolpact uit 1958 regelde de subsidiëring van het vrije onderwijs en de staatsscholen, maar stelde ook de levensbeschouwelijke tegenstellingen scherp. Bovendien forceerde de socialist Léo Collard een meerderheidsbeslissing, een politieke houdgreep die de zwakke botten van het Belgische bestel deed kraken. De katholieken waren ziedend en trachtten bij de wetgevende verkiezingen van 1 juni 1958 hun gram te halen. Stemmen op de socialisten was voor een christen mens sowieso erger dan sympathie voor Pontius Pilatus - dat zat dus wel goed. Het uitschakelen van de Volksunie was andere koek. De Vlaamsnationale partij knabbelde aan het electoraat van de CVP en die heiligschennis vormde voor bisschop Emiel de Smedt van Brugge een aanleiding om de grote middelen in te zetten. De hemel brak open en God toonde zijn middelvinger. Naar verluidt schaamde De Smedt zich achteraf voor zijn herderlijke brief. Enkele maanden later wijdde hij deemoedig de nieuwe kapel van de IJzertoren in. Zijn brief blijft een van de sterkste getuigenissen van de verstikkende macht die de Vlaamse clerus tot diep in de twintigste eeuw uitoefende. "Wie de genade van het christelijk geloof bezit, weet dat alleen de Paus en de Bisschoppen door God aangesteld zijn om een uitspraak te doen over hetgeen het geweten van de christenen bindt. [...] Daarom verklaren wij dat het in de huidige omstandigheden een zware gewetensplicht is te stemmen voor de CVP." Een geestelijke die vandaag de woorden van De Smedt herhaalt, krijgt geheid een telefonisch aanbod van Karel De Gucht of wordt verdacht van banden met Al-Qaeda. En als Stefaan De Clerck kon klonen, had hij met het DNA van De Smedt een hele kamerlijst gevuld.

De Smedt schoot met een wel erg zwaar kaliber. In 1958 was de Volksunie slecht georganiseerd en verwaarloosbaar. Het duurde tot de winterstakingen tegen de eenheidswet eind 1960 eer de partij uitzicht kreeg op een forse achterban. Het protest tegen de eenheidswet maakte duidelijk hoe sterk Vlaanderen en Wallonië van elkaar verschilden. Automatisch nam het conflict tussen de gemeenschappen vaste vorm aan. Volksunie, Mouvement Populaire Wallon en FDF brachten aardbevingen teweeg in het politieke landschap. De klassieke partijen wilden de angel uit de communautaire problemen halen door ze te 'encommissioneren', maar het systeem sputterde en de consensusdemocratie kreeg nieuwe spelregels. Het unitaire België maakte plaats voor een federale staat waarin gewesten en gemeenschappen elkaar in evenwicht moesten houden.

Tijdens de beeldenstorm van de jaren zestig speelde Emiel de Smedt de rol van enerzijds-anderzijds-katholiek. De tergend dubbelzinnige houding van bisschoppen als De Smedt werkte het tumult rond de Leuvense universiteit in de hand en bracht mee het massale gezagsverlies van de kerk op gang. Nochtans was de bisschop in Vlaams opzicht geen kwade peer. De tijd dat de Franstalige clerus het Vlaamsnationalisme verketterde, lag ver achter hem. Goede Vlamingen moesten gewoon op de CVP stemmen en de rest kwam wel vanzelf. Intussen werd de pluralistische Volksunie de zweeppartij bij uitstek. Her en der staan de leuzen uit die tijd nog op blinde muren gekalkt, net als Mariabeelden stille getuigen van een uitgedoofd geloof. Mijn favoriete exemplaar bevindt zich op de achterkant van het militair hospitaal aan de Antwerpse Boomgaardstraat. VOLKSUNIE. Het staat er in grote, wankele letters. De militant van dienst was zat of zag een combi naderen. Witgekalkt erfgoed. Bescherming is nodig.

Generaties architecten hebben de Belgische bouwput gevuld met opzienbarende bouwsels. Middelpuntvliedende krachten zorgen ervoor dat de bouwsels uit elkaar worden gerukt, tot er alleen nog een kelder rest met archieven en herinneringen - Vlaamse beweging en Volksunie incluis. Dertig jaar staatshervormingen leren dat het proces onomkeerbaar en onstuitbaar is. We hebben hoogstens vat op het tempo en de argumentatie die we aanhouden bij de afbraak van onze deconstructivistische federale consensusdemocratie met constitutionele monarchie. Niemand kon zich in 1958 voorstellen welk een hoge vlucht de federalistische gedachte zou nemen. Het is de historische verdienste van de Volksunie en zijn medestichter Frans van der Elst dat ze de democratie kozen om het confederale nationalisme te promoten. Deze inzet heeft ontzagwekkend meer opgeleverd dan het Vlaamse fascisme dat nog steeds kritiekloos wordt omarmd door de Nelson Mandela's van het Vlaams Blok, degenen die strijden voor ons recht om flauwekul en demagogie als waarheid te verkopen. Hun verdienste is de wind die, één en ondeelbaar, door de bomen waait. En ze zijn niet eens katholiek. Flatulentie heeft navolging gekregen bij democratische politici voor wie het allemaal liefst niet te moeilijk wordt, uit schrik dat de burger het niet meer begrijpt. Het woord 'Europa' bijvoorbeeld is tijdens de kiescampagne alleen gevallen wanneer Ter Zake vroeger moest stoppen vanwege de Champion's league. Het woord 'café' daarentegen ("gaan jullie samen nog op café?") is dankzij de poujadistische drummer Ben Crabbé met stip gestegen. Vooruitgang betekent niet alleen dat wij elektronisch kunnen stemmen, maar ook dat er bij steeds meer gestelde hoofden een druktoets is ingebouwd waarmee op eenvoudig verzoek een hersenlob naar keuze kan worden uitgeschakeld.

Straks, wanneer het geweeklaag en de zegezangen luid weerklinken, zullen we bisschop De Smedt gedenken. Op 18 mei staat ieder van u voor een zeer zware verantwoordelijkheid. De Heilige Geest helpe u bij het vervullen van uw plicht.

(Dit stuk verscheen eerder in De Morgen van 14 mei 2003.)

Geen opmerkingen: