maandag 1 maart 2010

De Chopin-tapes: over noten en melancholie (die er geen is)

(Een van de attracties bij het begin van het Chopin-jaar in Warschau: de Chinese klaviervirtuoos Lang Lang.)

Ze sluiten dus de supermarkten omdat de caissières te duur zijn. Op de achtergrond klinkt het slepende begin van de Marche funèbre van Chopin. In Antwerpen neuriet men dan: ‘Jef zal voor ons geen commissies niet meer doen.’ Alvast niet in de Carrefour.

De grote kuis is begonnen. Legerkazernes, assemblagefabrieken, postkantoren. Alles en iedereen houdt ermee op. Het Andere Boek, The Scorpions, zelfs Jean-Pierre, de melkman van Gooik, na 46 jaar – zo meldt editiepajot.com ons. Het feest is gedaan. ‘Maar als er verledene dingen zijn’, schrijft de immer zwartgallige Couperus in De boeken der kleine zielen, ‘als er geleefd is vroeger, kind... dan is er altijd de melancholie, en hebben wij er ieder ons deel niet van... juist omdat wij diep voelen…’ Oorverdovend weergalmt Chopins melodramatische Nocturne Op.27 no.1, ooit beschreven als ‘een kalme Venetiaanse nacht waarin de zee het lichaam van een vermoorde man verbergt en het maanlicht weerspiegelt’.

Couperus was meer een man van de opera, en dan vooral van Wagner. De opzet van diens vierdelig epos Der Ring des Nibelungen lijkt de inspiratiebron van het al even vierdelige De boeken der kleine zielen. Bovendien hield Couperus meer van zingen met grote uithalen dan van ingehouden op een piano tokkelen. Net dat laatste tekent Chopin, de pianist met de aarzelende, lichte toets. Hij speelde ook bij voorkeur op een instrument met een beperkt geluidsvolume. In tegenstelling tot showbeesten als Schumann of Liszt, macho’s van het klavier. En toch is het Chopin die de meeste harten heeft beroerd.

De huidige festiviteiten rond zijn tweehonderdste verjaardag steken bleek af tegen de hysterische aanbidding die de geniale teringlijder uit Warschau in het verleden heeft genoten. Een echo hiervan is hoorbaar in de bekentenis van pianiste Valentina Igoshina, finaliste van de Koningin Elisabethwedstrijd 2003: ‘Over Chopin kan ik niets zeggen. Ik leef met hem. De hele tijd.’ Een slecht verstaander onthoudt hier dat het bij Chopin om krokodillentranen gaat. Niks geen stuurloze melancholie strapatsen over het einde der tijden. Igoshina heeft gelijk. Chopin is een fenomeen dat je ondergaat, maar dan op onsentimentele wijze. ‘Met wie men hem ook vergelijkt, hij is nooit geringer’, merkt Simon Vestdijk op in een van zijn muziekessays.

Slechts een dertigtal grote recitals waren er nodig om van Chopin een Europese legende te maken. De rest van zijn beroepsleven deed hij kinderen van rijke ouders de duvel aan door hen strenge pianolessen te geven. Mede om didactische redenen schreef Chopin zijn Etudes. Maar het is niet uitgesloten dat hij matig getalenteerde studenten wilde vernederen met vingerbrekende arpeggio’s. Een malicieus karakter wordt hem door zijn vele biografen niet ontzegd, en zeker niet door zijn grote liefde George Sand. De literaire opperroddelaar Jules Renard noemde haar met enige overdrijving ‘la vache bretonne de la littérature’.

Zij, de grootste schrijfster van haar tijd, vormde een tiental jaren met haar kinderen en Chopin een spectaculair disfunctioneel nieuw samengesteld gezin. Benita Eisler beschrijft in haar revelerende biografie Chopin’s funeral hoe onder meer Sand’s bewuste en enigszins botte mythevorming ons beeld van Chopin hebben beïnvloed. Het wonderkind uit Warschau is niet de getormenteerde romanticus geweest die schrijvers en kunstenaars hebben aanbeden. Uiteraard was Chopin een krakende wagen, met meer lichamelijke kwalen dan er goed zijn voor één mens. En ja, hij was briljant. Maar wat men hem heeft aangewreven als goddelijke inspiratie was in werkelijkheid het resultaat van hard werk en een diepe kennis van zijn klassieken, Bach in zijn geval. Meer nog, terwijl de negentiende eeuw in de romantiek vluchtte als rebellie tegen de burgerlijke ratio, bleef Chopin een eerder behoudsgezind rooms-katholiek man. En zeker in de muziek was nieuwlichterij niet aan hem besteed.

Velen hebben Chopin met te veel valse tremolo’s gespeeld en besproken. Het doet niets af van de caleidoscopische emoties in zijn muziek die door iedereen worden herkend. Het verkleint ook niet de waarachtige woede en verbittering die Chopin als balling heeft ervaren. Zijn verblijf in Parijs is een rechtstreeks gevolg geweest van de Poolse opstand tegen tsaar Nicolaas I. Die wilde Poolse soldaten naar België sturen om de revolutie te breken. De wispelturige Europese context heeft Chopin gevormd. Uiteraard wordt hij dus in Polen tijdens zijn jubeljaar verkocht als exportproduct bij uitstek. De essentie van de Europese identiteit is de historische, geografische en taalkundige verscheidenheid die de Europese identiteit zelf vergruist. Dat is een van de inzichten die in Luuk van Middelaars opbouwt De passage naar Europa. Geschiedenis van een begin, naast de Europese Unie als een administratief en politiek machtsevenwicht. En als hij de kunst erbij zou betrekken, dan zou Chopin een van de ijkpunten zijn.

Harold Polis



(Een ingekorte versie van dit stuk verscheen in De Standaard der Letteren van 26 februari 2010.)

Geen opmerkingen: