dinsdag 17 maart 2009

Workshop boekencultuur anno 2009

Furl this page

Digg!

Delicious
Bookmark this on Delicious
KASK & Hogeschool Gent nodigen uit:

Het boek: wat/nu?
Studiedag over de toekomst van het boek

Donderdag 23 april 2009 in de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten, Hogeschool Gent
Van 9 AM - 6 PM
Registratie: 10 euro, gratis voor studenten

Schrijf je in op deze webpagina.

Het boek is een ding, een artefact, een leesmachine. Een boek wordt geschreven, gezet, vormgegeven en uitgegeven. Deze evidentie wordt anno 2009 op de helling gezet. De digitale revolutie richt volgens sommigen veel schade aan: mensen ‘lezen’ niet meer intensief, maar zappen, lezen heel fragmentair en oppervlakkig. Er is een grote discrepantie tussen analoog en digitaal lezen.

Het ‘papieren boek’ wordt bedreigd. Andere leesattitudes dringen zich op. Men leest fundamenteel anders op een scherm, een e-book of de gsm. Ook de uitgevers van boeken, kranten en tijdschriften begeven zich op virtuele paden. Het is evident dat ook typografen en vormgevers voor nieuwe uitdagingen staan. Er zal immers meer aandacht en energie besteed worden aan lettertypes voor het scherm.

Auteurs, kunstenaars en lezers schuwen het experiment niet. Gesofisticeerde software en apparatuur prikkelen de cultuurminnaar.

Het ‘papieren boek’ is dus ‘maar’ een medium onder de media geworden. Zijn wij, de nieuwe lezers, op weg naar een nieuwsoortig elektronisch humanisme?

Programma

Voormiddag (Lezingen):

9.00: onthaal & koffie
9.30: inleiding Danny Dobbelaere
10.00: Uitgeven in 2009/De toekomst van het uitgeven: Philip Vanneste (Innovatiecentrum, Kortrijk)
10.30: Paper events. Archeologie & actualiteit van het kunstenaarsboek: Johan Pas (Koninklijke Academie voor Schone Kunsten Antwerpen)
11.00: pauze (koffie)
11.30 uur: Schermtypografie (of: lezen, schrijven en zetten tussen analoog en digitaal): Fred Smeijers (letterontwerper/professor digital typography aan de Hochschule für Grafik und Buchkunst, Leipzig)
12.00: E-literatuur. De schrijverlezer; hypertext; literatuur als verbale kunst; naar een nieuwe tekstcultuur...: Arie Altena (Frank Mohr Instituut Interactive Media and Environments Groningen)

12.30: lunch

Namiddag (Workshops):

14.00: inleiding workshops
14.30: start workshops (verschillende locaties)
1/ Uitgeven in 2009
Harold Polis (Meulenhoff/Manteau)


2/ Kunstenaarsboek
Hans Theys (Uitgever/docent KASK)

3/ Schermtypografie
Gerard Unger (letterontwerper/professor typografie Leiden, Reading)

4/ E-literatuur
Dirk Leyman (De Morgen)

5/ Meertalige typografie
Jo De Baerdemaeker (letterontwerper /doctorandus Reading University)

16.30: Plenaire zitting/verslaggeving;
coördinatie: Hans Vandevoorde (VUB/UG)
Aansluitend: Slotwoord Gerard Unger
18.00: einde

Tentoonstellingen in de marge:
-topstukken uit de collectie van de bibliotheek en het archief KASK
-boekwerken van studenten

Adres:
Lezingen in zaal Horta, KASK, Jozef Kluyskensstraat 2, 9000 Gent.

zondag 1 maart 2009

Rolande met de Bles


Furl this page

Digg!

Delicious
Bookmark this on Delicious
(Elisabeth Teissier speelde Rolande in de kille verfilming van Roland Verhavert. Hier een van haar andere glansrollen, Moira in de B-film La rose échorchée.)

Dat het allemaal potverteerders en profiteurs zijn. Beleggers wisten toch waaraan ze begonnen? Al die aandeelhouders, grootkapitalisten, herenboeren: naar de openbare onderstand ermee, of een derderangsstrand in Turkije. Tot slot sturen we Rolande met de bles op hen af, de vervaarlijke lichtekooi uit de lichtstad. Geen familiefortuin ontsnapt aan haar roofzucht. Die Parijse slet is het hardste personage dat Herman Teirlinck heeft bedacht. Ongrijpbaar en verpletterend tegelijk. Ze knijpt de gefortuneerde mannen die voor haar charmes vallen zachtjes dood.

Teirlinck is al een oude man wanneer hij de sensuele verwoestingen beschrijft die Rolande aanricht. Dat schrijven ging niet zonder slag of stoot, getuige de doorwrochte titel: Rolande met de Bles. De XXXX brieven aan Rolande door Renier Joskin de Lamarache. Nederlandse tekst met liminaire nota (1944). Aanvankelijk wilde Teirlinck het boek zelfs in het Frans beginnen, in een poging om de Franse briefroman te benaderen. Net als in Les Liaisons Dangereuses van Cholderlos de Laclos brengt Teirlinck de dwaalwegen van de verleiding zo meedogenloos mogelijk in kaart. Het verhaal wordt geënsceneerd als een schaduwgevecht. Rolande komt in de roman nergens rechtstreeks aan het woord. Het drama wordt tot leven gewekt in de brieven die de Brabantse adelborst Renier de Lamarache aan Rolande stuurt.

In Les Liaisons Dangereuses is het de pruikentijd die eraan moet geloven. Het Franse ancien régime wordt in dat boek voorgesteld als het toppunt van decadentie en corruptie. Ook Teirlinck toont een samenleving die aan zichzelf ten onder gaat. Renier vecht tijdens de Eerste Wereldoorlog als piloot aan het front. In 1917 ligt hij halfblind in een Parijs ziekenhuis, waar hij wordt verzorgd door een verpleegster met wondere gaven, Rolande genaamd. Wanneer Renier haar na de oorlog weer opzoekt, blijkt ze in een peperdure hoerenkast te werken. Een schoonheidssalon, zo noemt Teirlinck het. Dat klinkt uiteraard preutser dan het is.

In die Académie de Beauté wordt de sensualiteit bedreven als een wetenschap. Dat maakt een enorme indruk op Renier, die besluit om er zijn erfenis in te investeren. Vanaf dan loopt het fout. Want Parijs is ver weg van zijn plechtstatig kasteel aan de rand van het Pajottenland, tussen Edingen en Halle. Renier denkt en handelt als een bezetene. Hij laat zijn verloofde in de steek, schoffeert zijn familie en dumpt zijn enige zoon bij de paters jezuïeten. Halsoverkop vlucht hij naar Parijs, vast van plan om zich in de armen van Rolande te storten. Uit Reniers brieven blijkt echter dat hij jaagt op een schim. Rolande verzint de ene uitvlucht na de andere om Renier te ontwijken. En wanneer Rolande uiteindelijk toch toegeeft en korte tijd in zijn Brabants kasteel komt wonen, nadat hij iedereen er heeft weggejaagd, draait de affaire op een volslagen mislukking uit. ‘Ik heb het aan mijn eigen tong gehoord wat ge dan zijt, mevrouw: de klassieke entôleuse, een alledaagse oplichtster, een slet.’

Alles in Rolande met de Bles ademt ondergang. Het geslacht van de Lamaraches sterft roemloos uit. Reniers eerste vrouw bezwijkt in het kraambed. Zijn enige zoon is gehandicapt – hij mist een hand. En Renier zelf, de trotse landjonker, vervolmaakt zich als talentloze fils-à-papa, een omhooggevallen drol die in de toekomst van gisteren leeft.

Niemand kan Rolande krijgen. En de man die het toch waagt om aan haar jarretelles te frunniken stort zichzelf in het verderf. Uiteraard valt die eer een Vlaming te beurt, een onnozelaar en plattelandsaristocraat op de koop toe. Iemand die zich veilig waant in zijn dorp en zenuwachtig wordt van de grootstad. Renier wordt overmand door een treiterig gevoel van treurnis. Het is geen razernij. Machteloosheid drijft hem in de armen van het ongeluk. En dat noodlot kan niet anders dan Parijs zijn, de plek die de passie vermoordt en dromen klein maakt. Het is een populair thema geweest bij de vele twintigste-eeuwse Vlaamse kunstenaars die een omweg langs Parijs hebben gemaakt. Lees Een zachte vernieling van Hugo Claus. Maar geen enkel personage uit die traditie handelt zo amoreel als de Rolande van Herman Teirlinck.

Rolande is zelfs prehistorisch slecht. Toen Teirlinck haar bedacht, werd hij ‘door de sappen der aarde met kracht aangegrepen’. Geheel in de sfeer van de late jaren dertig verheerlijkte Teirlinck de levenslust en de onoverwinnelijke natuur. Terwijl er toch bijzonder weinig te bejubelen was en vitalisten niet zelden warmliepen voor Hitler. Maar Teirlinck was nu eenmaal een onvoorspelbare man van ‘twaalf ambachten en dertien overwinningen’ (dixit August Vermeylen). En dus stelde hij moeder natuur voor als een hoer uit Parijs. Faut le faire.

Harold Polis

(Dit stuk verscheen eerder in De Standaard der Letteren van 27 februari 2009.)